Krijgt mijn paard teveel zand binnen?

Een paard krijgt te veel zand binnen als er meer ingaat dan er uitkomt. Dat is natuurlijk lastig te meten. Je kunt wel zien of je paard zand uitscheidt. Dan weet je in elk geval iets. Op zich is het trouwens goed als het paard het zand uitpoept. Maar als er te veel zand in de mest zit, is dit ook een indicatie dat het paard te veel zand binnenkrijgt.

Als je wilt weten of je paard zand in z’n darmen heeft, kun je zelf de mest testen. Dit moet je op meerdere dagen doen. Als er de eerste keer niets in zit kan het zijn dat er een paar dagen later wel zand uitkomt!

Mesttest

Je test de mest door vijf ballen mest in een doorzichtige plastic zak te doen met wat water. Knijp de mestballen fijn (als ze al in de zak zitten – dan krijg je geen vieze handen). Maak er een soepje van en hang de plastic zak een uurtje op. Als alles bezonken is blijft het zand onderin liggen. Als je plastic dierenartshandschoenen hebt kun je die ook gebruiken. Het zand zakt dan in de vingers van de handschoen.

Je kunt trouwens ook een emmer gebruiken en de mest heel langzaam uit de emmer schenken na het bezinken. Het zand blijft dan op de bodem van de emmer achter. Een paar korrels zand op vijf mestballen is niet erg, als er een theelepel of meer uit komt is het tijd voor maatregelen.

Tip:
Als je een rechthoekig hersluitbaar zakje gebruikt kun je dit schuin ophangen, met één punt naar beneden. Het zand verzamelt zich dan in dit puntje en is gemakkelijker te zien.

Zandtest

Tip:
Test altijd op meerdere dagen. Als je geen zand vindt, maar het niet vertrouwt, geef je paard dan een week lang psyllium door het voer en test elke dag de mest. Zo rond de vierde of vijfde dag moet het zand er dan uitkomen.

Zekerheid?

Als je precies wilt weten hoeveel zand er in de darmen van je paard zit is er maar één methode: een krachtige röntgenfoto. Niet alle dierenartsen hebben de apparatuur hiervoor, je moet hiervoor naar een gespecialiseerde kliniek. Met echoapparatuur kun je het zand in de darmen niet goed zien.

Zandmasker momenteel niet bestelbaar

Diagnose van zandkoliek

Zandkoliek is niet zo gemakkelijk vast te stellen. Vaak is het zo dat andere oorzaken van koliek eerst worden uitgesloten vóórdat de diagnose zandkoliek wordt gesteld. Het is belangrijk om altijd zand als oorzaak in je achterhoofd te hebben. Het blijkt namelijk één van de belangrijkste oorzaken van koliek te zijn. En als je op tijd bent, is het vaak goed te behandelen.

Een paard met zandkoliek kan meerdere symptomen hebben:
–          Milde of hevige koliekerigheid / buikpijn;
–          Steeds terugkerende koliekverschijnselen;
–          Diarree;
–          Gewichtsverlies;
–          Afwijkende bloedwaarden (leucocyten, verhoogde bloedsuiker)

Minder vaak voorkomende symptomen zijn:
–          Koorts (temperatuur boven de 38,6 °Celcius);
–          Verminderde eetlust;
–          Algehele zwakheid;
–          Depressiviteit;
–          Slecht aanspringen in rechtergalop, lichte kreupelheid
–          Geen trainingsarbeid verdragen.

Vaak hebben paarden met zandkoliek meer dan één van bovenstaande symptoom, maar zeker niet altijd! Diarree in combinatie met koliek is een duidelijk signaal voor zandkoliek.

In een Amerikaanse studie kon bij ongeveer de helft van de paarden met zandkoliek ook een afwijking in de darmen worden gevoeld door de veearts. Het ging daarbij meestal om een opgeblazen dunne darm of een harde ophoping in de dikke darm. Bij slechts ongeveer een kwart van de paarden met zandkoliek kon direct zand gevonden worden in de mest! Dat komt omdat zand er ‘in golven’ uitkomt: de ene dag niets en de volgende dag een heleboel.

Kortom: zandkoliek is niet altijd makkelijk vast te stellen, maar komt vaak voor!

Lees ook: Voortekenen van zandkoliek